Paulus

Op zoek naar Paulus. Een eerste, tussentijdse impressie.

Er is tussen vreemd aan de hand met Paulus. We kennen hem, of menen hem te kennen.  In het Tweede Testament zijn er veertien brieven opgenomen, die aan hem zijn toegeschreven. En dus is hij belangrijk. En toch, hij bevreemdt, houdt er vrouwonvriendelijke ideeën op na, waardoor hij zelfs de nationale nieuwsberichten haalt. Het voorlezen van een vrouwonvriendelijke passage (Ef 5, 21-23) in een uitgezonden eucharistieviering in 2019 zorgde voor een golf van (feministisch) protest. Hoe bestond het dat deze tekst nog (voor)gelezen werd? In onze vrije, geëmancipeerde wereld?

Maar is de Paulus die we in de brieven leren kennen, wel echt Paulus? In de Oudheid is het niet ongebruikelijk om een eigen geschrift toe te wijzen aan een persoon met autoriteit. Op die manier krijgt een tekst, een geschrift veel meer gewicht, en hopelijk meer geloofwaardigheid. Het overkwam Paulus. Veel van wat hij geschreven heeft, vinden we niet meer terug. En hetgeen we wel terugvinden, is verwerkt in een redactie van zijn brieven.

Wie Paulus dus werkelijk was als verkondiger, zullen we waarschijnlijk nooit kunnen achterhalen. Kunnen we dan wel achterhalen hoe het er aan toeging in de eerste decennia van het “christendom”?[1] Want waren zijn teksten niet de oudste teksten over de eerste gemeenten die we nog hadden? Het is moeilijk aan te houden. Ja, er komen flarden van zijn brieven voor in de brieven, zoals ze nu voor ons liggen. Een gedeelte van de tekst is echter niet van die tijd. En de opbouw zeker van een latere redactie. Veertig jaar na zijn overlijden – als je er vanuit gaat dat hij in 59 is gestorven – ontstaat een redactionele samenstelling van zgn. brieven van Paulus. Die eerste redactie bevat op zijn minst de brief aan de Romeinen, beide brieven aan de Korintiërs, en de brief aan de Galaten. De toon van die redactie is anti-Joods. Op sommige plaatsen echt fel anti-Joods. Hoe valt dat te rijmen met de Paulus die zelf een Jood was, een ijveraar voor de Wet, een zeloot. Een man die we het best kunnen begrijpen als iemand die gegrepen was door de profetische teksten van de deutero-Jesaja, aldus Charles Vergeer.

Na het lezen van het boek van Charles Vergeer Wie was Paulus wel?! was het even slikken. Opgegroeid in de wetenschap dat er minstens zeven brieven oorspronkelijk van Paulus zijn, komt Vergeer vertellen dat ook dat overdreven is. Een teleurstelling. Verandering van perspectief dringt zich op. Als we de zgn. brieven van Paulus uit het Nieuwe Testament lezen, dan verstaan we die best in de context van de einde van eerste eeuw en de eerste helft van de tweede eeuw van onze tijdrekening. De Joodse tempel is verwoest, de Joden zijn verspreid. De christenen zetten zich af tegen de Joden, want hebben zij niet hun Jezus veroordeeld, of laten veroordelen? En wast Pilatus – de Romeinse heerser – zijn handen niet in onschuld? Het heeft veel weg van de geboorte van een christelijk antisemitisme.

Heeft Vergeer het wel bij het rechte eind? De vraag kan gesteld worden, terecht. Het is mij nog niet duidelijk. Zijn uitleg lijkt aannemelijk, te meer daar hij uit filologische hoek komt, en niet theologisch beladen is. Hij heeft niets te verliezen, want geen geloofsinhoud te verdedigen. Maar toch, in deze context komt mij de uitspraak van prof. Frans Van Segbroeck zaliger als relevant naar voren.[2] De precieze verwoording herinner ik mij niet meer, maar het komt erop neer dat Bijbelteksten veel kritischer bekeken worden dan andere teksten uit de Oudheid. De studie van Charles Vergeer lijkt deze stelling te bevestigen. En toch, de stelling van Vergeer dat we aan de teksten van Paulus veel meer vragen moeten leren stellen dan dat we er antwoorden trachten aan te ontlenen, kan ik nu al onderschrijven.

In de loop van de twintigste eeuw werd Jezus van Nazareth stilletjes “teruggegeven” aan de Joden. Hij werd opnieuw één van hen, althans voor een deel van de Joden. Bij Joodse auteurs, zoals Pinchas Lapide en Schalom Ben-Chorin, kreeg hij aandacht. Deze laatste noemde hem zelfs broeder Jezus.[3] Is de tijd is niet aangebroken om ook Paulus “terug te geven” aan de Joden? Is de tijd niet rijp om toe te geven dat de politieke ontwikkelingen rond het jaar 70 in de door de Romeinen overheerste wereld de Jood Paulus in de verdrukking hebben gebracht en van hem een “bestrijder van de Torah” hebben gemaakt, terwijl hij dat in het geheel nooit is geweest. Ik mag het hopen.

[1] We zetten hier christendom tussen aanhalingstekens, omdat er voor het jaar 70 van onze tijdrekening nauwelijks of geen sprake was van christenen, laat staan christendom.

[2] Van Segbroeck was professor Nieuw Testament aan de theologische faculteit van de KU Leuven van 1969 tot 1996.

[3] Het boek Broeder Jezus. De Nazarener door een jood gezien verscheen in 1971. Het oorspronkelijk boek verscheen in 1967 in het Duits. Het vormde de basis voor mijn licentiaatsverhandeling De Jezusvraag bij Schalom Ben-Chorin. Een Joodse visie op Jezus van Nazareth, die ik met succes verdedigde in februari 1989.


Ontdek meer van samenspraak

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Plaats een reactie